top of page

Slaap je, of ligt je brein toch wakker?

13 aug
3 minuten om te lezen

Door te kijken naar de doorbloeding van hersengebieden tijdens slapen en waker ontstaat een mogelijk andere kijk op slapeloosheid
Door te kijken naar de doorbloeding van hersengebieden tijdens slapen en waker ontstaat een mogelijk andere kijk op slapeloosheid

Nieuw onderzoek naar hersendoorbloeding bij mensen met chronische slapeloosheid laat zien dat hun brein anders reageert op de overgang van wakker zijn naar slapen. Dat geeft een interessante nieuwe kijk op een probleem dat voor veel mensen vooral voelt als: waarom lukt slapen mij toch niet?


Een disclaimer. Aan dit onderzoek deden 11 mensen met chronische slapeloosheid en 17 goede slapers mee. Dat is te weinig voor conclusies.


De onderzoekers van onder andere de Universiteit van Zürich gebruikten polysomnografie - de gouden standaard in slaaponderzoek - om vast te stellen of deelnemers wakker waren of sliepen. Ze combineerden dat met arterial spin labelling, een MRI-techniek waarmee de relatieve doorbloeding van hersengebieden kan worden onderzocht.


De verschillen waren opvallend. Mensen met chronische slapeloosheid hadden tijdens de nacht relatief meer doorbloeding in gebieden, die betrokken zijn bij zintuiglijke verwerking, emoties en gedachten over zichzelf. Tegelijkertijd zagen de onderzoekers minder doorbloeding in delen van de frontale hersenschors en de basale ganglia.


Slapen vraagt om een andere stand van het brein

Een van de interessantste bevindingen ontstond wanneer de onderzoekers keken naar mensen die tijdens de hersenscan daadwerkelijk in slaap vielen. Bij de deelnemers met chronische slapeloosheid die sliepen, nam de relatieve doorbloeding in verschillende frontale en subcorticale gebieden af ten opzichte van hun eigen waaktoestand.


Bij goede slapers zagen de onderzoekers op verschillende plekken juist het tegenovergestelde patroon. De overgang van wakker zijn naar slapen lijkt bij chronische slapeloosheid dus anders te verlopen.


Dat betekent niet dat iemand met chronische slapeloosheid letterlijk 'een wakker brein' heeft, terwijl hij slaapt. Ook betekent het niet dat een afwijkende doorbloeding de oorzaak van chronische slapeloosheid is. Het onderzoek laat vooral zien dat insomnia samenhangt met andere patronen van hersendoorbloeding tijdens verschillende slaap-waaktoestanden. De onderzoekers spreken zelf over mogelijke veranderingen in arousalregulatie, slaapdruk en inhiberende controle.


Waarom slaap zo'n mentale strijd kan zijn

Stel je twee mensen voor die allebei om elf uur naar bed gaan. De eerste merkt dat hij wakker ligt, draait zich om en laat de slaap komen wanneer die komt. De tweede kijkt op de klok, rekent uit hoeveel uur er nog over zijn en vraagt zich af hoe hij morgen een belangrijke vergadering moet doorkomen.


Bij die tweede persoon kan het slapen zelf onderdeel worden van het probleem. Hoe belangrijker slaap wordt gemaakt, hoe meer aandacht er naar het slapen gaat. En hoe meer aandacht er naar het slapen gaat, hoe meer signalen van wakker zijn kunnen worden opgemerkt.


Het nieuwe onderzoek bewijst niet dat deze gedachten de veranderingen in hersendoorbloeding veroorzaken. De relatie tussen slapeloosheid, lichamelijke en mentale alertheid, gedachten, emoties en hersenactiviteit is wederzijds en complex. Slecht slapen kan overdag ook leiden tot meer emotionele reactiviteit of zorgen, waardoor de volgende nacht opnieuw lastiger kan worden.


Wat kun je hiermee als je slecht slaapt?

Voor mij zit de belangrijkste boodschap niet in de MRI-scan, maar in de behandeling van chronische slapeloosheid. Je kunt je brein 's avonds niet met geweld uit zetten, tenzij je jezelf tijdelijk verdooft met slaapmedicatie, alcohol of drugs. Het helpt vaak meer om de strijd met slaap kleiner te maken. Dat betekent bijvoorbeeld dat je niet eindeloos in bed blijft liggen wachten op slaap, dat je je aandacht minder richt op het controleren van je slaap en dat je weer vertrouwen opbouwt in je natuurlijke slaapvermogen.


Daar sluit cognitieve gedragstherapie voor insomnia, CGT-I, goed bij aan. CGT-I werkt met onder meer slaaprestrictie, stimuluscontrole en het aanpakken van gedachten en overtuigingen rond slaap. Het doel is niet om jezelf te dwingen te slapen. Het doel is omstandigheden creëren, waarin slaap weer vanzelfsprekender kan ontstaan.


Het onderzoek van Michels en collega's laat zien dat chronische slapeloosheid gepaard gaat met meetbare veranderingen in de manier waarop het brein zich tijdens de nacht gedraagt. Voor iemand die al maanden wakker ligt, kan dat een geruststellend inzicht zijn: slapeloosheid is geen gebrek aan discipline of het resultaat van te veel nadenken. Er gebeurt daadwerkelijk iets in de interactie tussen brein, gedrag en slaap.

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe

©2025 Coachpraktijk Droomtroost

Met liefde en aandacht gemaakt om jou beter te laten slapen

bottom of page