Retteketet… waarom je niet beter gaat slapen van een beter bed
Bijgewerkt op: 23 sep

Deze week viel mijn oog op een advertentie van beddenfabrikant Beter Bed, vermomd als een journalistiek artikel. In vakjargon heet dat een advertorial. Ik las het eerst met enige verbazing, toen met stijgende verbazing en uiteindelijk viel ik van mijn stoel van verbazing.
Het betrof een online slaaponderzoek onder 1.066 Nederlanders. Wie het onderzoek uitgevoerd heeft en hoe het is uitgevoerd, wordt niet vermeld. Hoe de respondenten zijn geselecteerd evenmin. Volgens Beter Bed is het onderzoek ‘representatief’, een claim die ik bij de fabrikant uit Uden laat. Want het blijft slechts een claim.
De belangrijkste conclusie: Nederlanders slapen voldoende, maar beginnen toch vermoeid aan de dag.
Klassieke overgeneralisatie
Daar valt direct iets op. Het onderzoek is namelijk uitgevoerd onder Nederlanders tussen de 30 en 55 jaar. Twintigers, pubers, kleuters en (bijna-)gepensioneerden vallen buiten de steekproef, maar worden wel onder de noemer ‘Nederlanders’ in de conclusie meegenomen. We trappen af met een klassieke overgeneralisatie.
Terug naar de hoofdconclusie. De meeste Nederlanders (tussen de 30 en 55 jaar dus) zoeken tussen tien en elf uur ’s avonds hun bed op en slapen zeven tot acht uur. Een derde valt binnen tien minuten in slaap.
Maar... hier komt de mokerslag. 24 procent wordt moe wakker. Bij vrouwen is dat 34 procent, tegenover 13 procent bij mannen. En dat is ‘opvallend’, aldus de beddenfabrikant, die verder niet uitlegt waarom het opvallend is. Was het vorig jaar anders misschien?
De slapende Nederlander
De slapende Nederlander heeft er een ‘opvallend’ probleem bij. Hij of zij springt niet juichend, verkwikt en mentaal geflost het bed uit. Nee… 44 procent heeft koffie nodig om op gang te komen.
Gelukkig heeft Beter Bed een oplossing voor al die vermoeide Nederlanders en voldoende showrooms waar de koffie gratis is. Maar eigenlijk heeft het een nog groter probleem. Want als de Nederlander moet kiezen tussen een nieuwe telefoon en een nieuw matras, kiest driekwart voor een nieuwe telefoon.
Een nogal vreemde vergelijking, met een al even merkwaardige conclusie: Nederlanders investeren te weinig in hun matras! Als ik moest kiezen tussen een nieuwe auto en een matras dan wist ik het ook wel.
CEO John Kruijssen weet gelukkig raad. Een goede nachtrust heeft volgens hem ook te maken met de slaapomgeving, het matras en de temperatuur.
Vermoeide Nederlanders
Ik spreek hem niet tegen als het gaat over een (rustige) slaapomgeving en koele slaapkamer. Alleen de conclusie dat een beter matras dé oplossing is voor vermoeide Nederlanders wordt niet door dit onderzoek aangetoond. Sterker: slechts acht procent van de ondervraagden denkt dat een beter matras een oplossing kan zijn om beter te slapen. Zij zien meer heil in voldoende slaap en het verminderen van stress.
Ik bied mijn diensten hierbij graag aan aan de overige 92 procent van de Nederlanders (tussen 30 en 55 jaar), die out of the boxspring denkt. Waarschijnlijk valt er voort jullie meer winst te behalen door minder stressmomenten, een consistent slaapritme en voldoende tijd in bed.
En in begrijpen waarom je slecht slaapt. Dat is voor veel mensen het echte retteketet van beter slapen, waarbij een slaapcoach hulp kan bieden.
Slaapinertie is heel normaal
En dan nog even voor alle mensen die niet fris wakker worden. Net zoals je hersenen ’s avonds tijd nodig hebben om af te schakelen voordat je gaat slapen, hebben ze ’s ochtends vaak even nodig om weer volledig op gang te komen. Dat verschijnsel noemen we slaapinertie. Het is niet automatisch een teken dat je slecht hebt geslapen.
En ja, een kopje koffie kan daarbij prima helpen. Daar heb je niet per se een nieuw matras voor nodig.



Opmerkingen